Slotcongres Brussels Studies Institute | “De bedrijfswagen is geen fetisj”

“De fiscale, ecologische en maatschappelijke gevolgen van de bedrijfswagen bestuderen en zo het debat objectiveren”, aan die missie begon het Brussels Studies Institute (BSI) vier jaar geleden. Tijdens het slotcongres, deed de onderzoeksgroep haar resultaten uit de doeken.

Het debat objectiveren, dat kan natuurlijk maar pas wanneer je over voldoende en juist cijfermateriaal beschikt. Zo kon u bijvoorbeeld al lezen dat het BSI het aantal bedrijfswagens op zowat 625.000 schat, maar ook de kost van het systeem aan de overheidsfinanciën werd becijferd.

Bedrijfswagens kunnen immers moeilijk los gezien worden van de belangrijke
loonkosthandicap van ons land. De uitzonderlijk hoge loonlasten voor werkgever
en werknemer worden gemilderd door de minder belaste bedrijfswagen. Onderzoek
van de BSI-academici bevestigt dat de ‘gemiste’ fiscale opbrengsten voor de
overheid eerder 2 dan 4 miljard euro bedragen (dat laatste cijfer komt
uit een studie van Copenhagen Economics uit 2009
en wordt tot op vandaag door tegenstanders van het systeem gebruikt). 2 miljard komt overeen met ongeveer 0,5% van het
Belgische BBP.

Toch blijft het ook na de speurtocht van de BSI-academici gissen naar het aantal bedrijfswagens dat enkel professioneel
worden gebruikt, naar hoeveel werknemers hem gebruiken als werkinstrument en
wat het aandeel is van de “salariswagen” (voertuigen die deel uitmaken van het
verloningspakket maar evengoed kunnen dienen voor beroepsdoeleinden). Evenmin
duidelijk is hoeveel leasewagens – die de voorbije jaren in aantal zijn
gegroeid – eigenlijk onder private lease vallen en niets vandoen hebben met een
bedrijfswagen of “salariswagen” in bedrijfscontext.

Het gebrek aan overheidsstatistieken
bemoeilijkt het voeren en begroten van een doordacht overheidsbeleid die de
zakelijke autorijder wil ontzien. De sector, bij monde van Febiac, Renta
en Traxio, toonde zich na afloop van de leerstoel dan ook ontgoocheld dat deze onmisbare basisgegevens niet
duidelijk(er) zijn geworden.

Wie betaalt de
alternatieven?

Voorts gingen de onderzoekers na hoe verknocht de Belg is
aan zijn bedrijfswagen. Behoorlijk hard, zo blijkt. Slechts 20% van de
bedrijfswagenbestuurders is geïnteresseerd in een alternatief voor de wagen,
blijkt uit een enquête die het BSI bij 539 bestuurders voerde. De oplossingen
die zij zelf naar voor schuiven zijn een hoger loon (700 euro), openbaar
vervoer (70%), autodelen (62%), een bedrijfsfiets (60%) en Mobility as a
Service-toepassingen (58%).

Om werknemers een alternatief voor de bedrijfswagen te geven, dokterde de regering de afgelopen jaren ook zelf twee alternatieven uit: Cash for Car en het mobiliteitsbudget. Voor dat eerste bleek er weinig belangstelling, het tweede alternatief is pas beschikbaar sinds maart, waardoor een evaluatie moeilijk is.

Bovendien zijn er winnaars en verliezers in beide systemen. Cash for Car is bijvoorbeeld gunstig voor de overheid, maar niet voor de werknemer, terwijl het mobiliteitsbudget interessant is voor gebruikers en sociale zekerheid, maar daar betaalt de overheid de rekening. Wie de bedrijfswagen wil afschaffen, begint dan ook aan een moeilijk politiek en economisch vraagstuk.

700 euro afpakken om
er 70 te geven?

Je kan immers moeilijk de bedrijfswagen afschaffen zonder
deze of gene groep te schaden. “Schaf je bijvoorbeeld het systeem af ten
voordele van een algemene verlaging van de loonkost, dan neem je zowat 10% van
de werkbevolking 700 euro af om iedereen 70 euro te geven”, merkte zelfs
Mathias Bienstman van de Bond Beter Leefmilieu, toch niet een organisatie die
pleit voor de bedrijfswagen, op tijdens het debat achteraf.

Op enkele uitzonderingen na bleef de ondertoon tijdens dat
debat dan ook dat de bedrijfswagen een kans is op een snelle elektrificatie van
een deel van het wagenpark, met de daarbij horende gunstige ecologische
gevolgen. In combinatie met een stimulatie van de alternatieven lijkt dit
immers het meest realistische scenario.

“Want de bedrijfswagen is geen fetisj voor de bedrijven”,
liet Ischa Lambrechts van BECI, dat de belangen van heel wat Brusselse
bedrijven behartigt, zich ontvallen. “Ook vanuit de bedrijven komen er
oplossingen”, vult Annelies Baelus van HR-dienst Acerta aan. “Nog voor het
wettelijk kader, hadden sommigen al een soort mobiliteitsbudget. Daarnaast
wordt ook flex- en thuiswerken aangemoedigd.”

“Leasemaatschappijen zijn ook bezig met die evolutie
richting multimodaliteit”, besloot Frank Van Gool, Algemeen Directeur van
Renta. “De toekomst brengt heel wat uitdagingen voor de sector: ecologisch,
politiek, … maar wij zijn daar volop mee bezig.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *