Dit is de officiële lijst met “valse hybrides”

faux hybride Bentley Bentayga

De FOD Financiën heeft zopas de (zeer complexe ) tabel met valse hybrides gepubliceerd, alsook de overeenkomstige CO2-waarden die in aanmerking moeten worden genomen voor de berekening van de aftrekbaarheid van de wagen en de daaraan verbonden kosten, zoals het “Voordeel Alle Aard” (VAA).

Wat is een “valse hybride” ?

Ter herinnering, de volgende volgende voorwaarden gelden om een plug-in (of oplaadbare) hybride als ‘vals’ te beschouwen:

  • gekocht, geleaset of gehuurd vanaf 1 januari 2018;
  • en voorzien van een batterij waarvan de energiecapaciteit minder dan 0,5 kWh per 100 kilo gewicht van het voertuig bedraagt;
  • en/of met een CO2-uitstoot van meer dan 50 g/km;
  • valt onder de forfaitaire raming van het voordeel van alle aard voor het persoonlijk gebruik van een kosteloos ter beschikking gesteld voertuig.

Ook te lezen over dit onderwerp:

Bedrijfswagen: de fiscaliteit van 2020 in 10 vragen

Welke CO2-waarde voor de aftrekbaarheid en het VAA?

De CO2-uitstoot van het overeenstemmend voertuig moet gebruikt worden voor de berekening van de aftrekbaarheid en het VAA.

Ook te lezen over dit onderwerp:

Fiscaliteit plug-in hybrides: eindelijk duidelijkheid over het “overeenstemmend voertuig”

Bestaat er geen overeenkomstige versie? De aangekondigde CO2 van de plug-in hybride auto wordt dan met 2,5 vermenigvuldigd. Wat trouwens vaak interessanter is…

Welke modellen zijn ‘valse hybrides’?

Klik hier om de tabel van de FOD Financiën te bekijken. Hij is wel ietwat complex om te lezen.

Bereken hier de aftrekbaarheid van uw bedrijfswagen!

Onthoud dat de regels met zwarte tekst verwijzen naar de “valse hybride”. De lijn in het groen betreft het enige geldige corresponderende voertuig. Het getal in groen in de laatste kolom is de CO2-waarde die in aanmerking moet worden genomen voor de verschillende belastingsberekeningen, met uitzondering van de CO2-bijdrage. In dit geval is het altijd de CO2-waarde die in punt 49.1 van het conformiteitscertificaat is aangegeven, die gezaghebbend is.

Het bericht Dit is de officiële lijst met “valse hybrides” verscheen eerst op FLEET.be.

De bedrijfswagen vijf keer zo duur voor de bestuurder? Je bent eraan ontsnapt …

Wij zijn ons bewust van de aversie van de Hoge Raad van Financiën (HRF) jegens de bedrijfswagen. Reeds in 2009 klaagde het HRF over dit systeem. Onlangs hebben enkele deskundigen van het HRF zelfs een soort fiscale ‘big bang’ voorgesteld waarbij ook de bedrijfswagen niet gespaard werd …

Een comité van deskundigen binnen de Hoge Raad van Financiën (HRF) had verschillende scenario’s opgesteld om de heffingsgrondslag te verbreden door alle aftrekmogelijkheden te sorteren en zo de tarieven te verlagen.

Een van deze scenario’s is een radicale aanscherping van de ‘dubbele inkomstenbelasting’.

Een ‘dubbele inkomstenbelasting’ bestaat uit het progressief belasten van inkomsten uit arbeid en het forfaitair belasten van andere inkomsten, zoals bijvoorbeeld inkomsten uit vermogen.

De deskundigen in kwestie wilden het minimum belastbaar bedrag verhogen tot het niveau van het leefbaar loon en de bijzondere sociale zekerheidsbijdrage afschaffen. Dit zou werken aantrekkelijker maken. De kosten van deze shift: 4 miljard. Daar komt minimaal 2 miljard bij voor de spreiding van de belastingschijven en de aanpassing van de tarieven. Totaal: 6 miljard op zijn minst.

Actuele VAA vervangen door …

Het enige wat nog gedaan moest worden, was in de aftrekposten snijden om de gemaakte put te kunnen vullen. En daar gingen de HRF-experts zonder taboes te werk. Geen vrijstellingen meer van de roerende voorheffing. Geen aftrekbaarheid meer van isolatiewerkzaamheden in huizen. Geen aftrek meer voor het woon-werkverkeer, inclusief de fiets.

Maar ook gedaan met de maaltijdcheques, ecocheques en andere cultuurcheques en… ook de bedrijfswagen. Want de deskundigen stelden voor om het VAA te vervangen door het reële voordeel dat tegen het tarief van de personenbelasting wordt belast. Het resultaat van de operatie: de bedrijfswagen zou de werknemer vijf keer meer kosten.

Bedrijfswagenbestuurders kunnen echter opgelucht ademhalen: dit deel van het rapport werd niet door alle HRF-leden goedgekeurd. Laten we voor de begunstigden van deze voordelen hopen dat deze officieuze nota ook niet tot teveel inspiratie zal leiden tijdens de federale onderhandelingen …

Het bericht De bedrijfswagen vijf keer zo duur voor de bestuurder? Je bent eraan ontsnapt … verscheen eerst op FLEET.be.

“Laadkoorts is de nieuwe range anxiety”

Nu de elektrische auto aan de vooravond van de doorbraak lijkt te staan, maakt restwaardespecialist Autovista een balans op. Conclusie? De vrees voor een gebrekkige autonomie van de wagens lijkt stilaan te zijn weggewerkt. Nu liggen bestuurders wakker van de oplaadtijd van hun EV.

Range anxiety was immers hét onderwerp van discussie in het verleden. Nu de modellen een rijbereik van meer dan 400 km aankunnen, wordt de autonomie zelf minder een obstakel voor e-mobiliteit.

Het oplaadproces, het gebruiksgemak en, het allerbelangrijkste, de tijd die het kost. Dat houdt potentiële EV-kopers bezig. En met reden. De duur van het laadproces is afhankelijk van de verschillende laadmodi en capaciteiten. De opties voor thuisladen of wisselstroomladen variëren van kortstondig opladen bij een normaal stopcontact (1-fasig, 2.3 tot 3.7 kW) tot de meest bekwame wallbox-installaties (3-fasig, 7.2 tot 22 kW). Niet alle EV’s hebben echter de technologie aan boord om al deze opties kunnen verwerken en niet alle opties zijn in alle landen beschikbaar.

Remmende factor

En waar de autonomie duidelijk wordt gecommuniceerd door de fabrikanten, op hun officiële websites bijvoorbeeld, is informatie over oplaadtijden en maximaal laadvermogen niet zo eenvoudig te communiceren met potentiële EV-kopers. En dat is een remmende factor voor de doorbraak van de elektrische auto.

Informatie is voor de meeste EV’s moeilijk te vinden is en bovendien nog niet gestandaardiseerd wordt – zo worden bijvoorbeeld laadtijden niet door alle constructeurs gegeven voor dezelfde batterijstatus (0-100%, 0-80%, 10-100%, 20-80%, enz.). Dit is verwarrend voor potentiële klanten, omdat de cijfers niet vergelijkbaar zijn.

Autovista pleit dan ook voor een standaardisering van deze info, zodat klanten op een grondige manier kunnen vergelijken. Op die manier kunnen ze een wagen kiezen die qua oplaadmogelijkheden perfect bij hun rijprofiel past.

Het bericht “Laadkoorts is de nieuwe range anxiety” verscheen eerst op FLEET.be.

N-VA wil cash for car hervormen tot … cafetariaplan

De omstreden mobiliteitsvergoeding, beter gekend als cash for car, werd in januari vernietigd door het Grondwettelijk Hof, maar nu doet de N-VA bij monde van kamerlid Wouter Raskin een opmerkelijk voorstel om dit alternatief voor de bedrijfswagen om te vormen tot een cafetariaplan. Hij wil daarvoor een wetsvoorstel indienen.

Extralegale voordelen in plaats van cash

In dat wetsvoorstel zou het cashvoordeel vervangen worden door een keuzemenu aan extralegale voordelen die de werknemers zelf kunnen samenstellen. Dat systeem bestaat de facto al jaren op bedrijfsniveau maar Raskin wil dat harmoniseren en uniforme regels maken voor alle bedrijven en hun werknemers.

Hoe dat in de praktijk zal ingevuld worden, is volgens Raskin nog voer voor discussie. Een van de redenen waarom cash for car werd vernietigd door het Grondwettelijk Hof, is het verschil in fiscale behandeling van het loon van werknemers. Dat strookt niet met het gelijkheidsbeginsel.

Het is immers discriminerend voor wie geen bedrijfswagen heeft die hij of zij kan omzetten in loon. Dat zou betekenen dat een alternatief in de vorm van een cafetariaplan voor alle werknemers beschikbaar moet zijn. En dat zou zwaar kunnen wegen op de federale begroting. Daarom moet het voordeel volgens Raskin wel beperkt worden tot 20% van het brutoloon van de werknemer.

Het bericht N-VA wil cash for car hervormen tot … cafetariaplan verscheen eerst op FLEET.be.

Wel of niet met de motor rijden in de winter? Hier moet je zeker aan denken!

De meeste motor- en scooterrijders laten hun gemotoriseerde tweewieler in de winterperiode op stal staan. Maar er zijn nog altijd doorgewinterde motorrijders die ook in winterse omstandigheden de weg op gaan. Een belangrijke tip voor de “doorrijders”: verhoog maximaal uw zichtbaarheid!

Motorrijden heeft voor een belangrijk deel van de motorbezitters een hoge fun-factor en slecht of (te) koud weer draagt daar niet aan bij. Vandaar dat velen van hen in deze periode de gemotoriseerde tweewieler in de garage of de stalling laten staan.

Het is niet alleen minder plezierig om in koude en natte weersomstandigheden te rijden, maar ook de motor of scooter zelf hebben er onder te lijden, zeker als er zout op de wegen gestrooid is.

Pekel tast het aluminium en de lak aan. Dat is ook het geval bij auto’s, maar daar neemt de carrosserie het zicht op aangetaste onderdelen weg. Bij motoren (en in mindere mate bij scooters) niet: motorblokken, uitlaten en wielen vallen direct op, dus dan ook de inwerking van strooizout.

Toch zijn er doorrijders.

Copyright: Alissa de Leva / Shutterstock.com

Warm en droog

Toch zijn er doorrijders. Motor- en scooterbezitters die voor temperaturen tegen (en zelfs onder) het vriespunt niet terugdeinzen. Zij laten de gemotoriseerde tweewieler enkel binnen als er sprake is van ijzel en sneeuw.

De techniek laat ook toe, bij lagere temperaturen de weg op te gaan. De duurdere motoren en scooters zijn tegenwoordig standaard uitgerust met handvatverwarming en zadelverwarming. Is dergelijke verwarming niet standaard gemonteerd dan zijn er in de accessoireszaken verschillende uitvoeringen verkrijgbaar. Windschermen houden de (koude) wind weg van de berijder.

Het principe van winterrijden is ook: zorg voor isolerende, wind- en waterdichte kleding.

Op het vlak van motorkleding zijn er de laatste jaren grote stappen gezet. De tijd dat een ‘motard’ een krant onder zijn jas stak is al lang voorbij. De jassen en broeken van tegenwoordig zijn voorzien van speciale wintervoeringen en membranen die wind en water tegenhouden maar toch ademend zijn. Ook is er lichte maar warme onderkleding beschikbaar.

Goede handschoenen en laarzen zijn eveneens belangrijk. Immers bij blootstelling aan koude trekken de bloedvaten in de huid zich samen en stroomt er minder bloed naar de huidoppervlakte. De handen en voeten worden door die verminderde bloedtoevoer kouder.

Tegenwoordig zijn er ook handschoenen, jassen en zelfs zooltjes met elektrische verwarmingselementen in de handel beschikbaar. En om de benen extra te beschermen zijn er schootsvellen die op motoren en scooters gemonteerd kunnen worden. Om opwaaien te voorkomen zijn die beenbedekkingen uitgevoerd met gewichten aan de onderzijde.

Zichtbaarheid

Stijn Vancuyck, adviseur gemotoriseerde tweewielers bij FEBIAC, stipt aan dat goede zichtbaarheid in deze periode van het jaar extra belangrijk is. Tijdens de ochtend- en avondspits is het namelijk donker of schemerdonker.

Motoren en scooters vallen tussen al de andere verlichte voertuigen minder op. Sommige motor- en scooterrijders hebben aan de zijkanten van het motorblok mistlampen gemonteerd. Die lampen vormen samen met de normale verlichting een driehoek die de motor of scooter meer volume geeft. Daardoor is die ook beter te zien is.

“We raden motor- en scooterrijders die in deze maanden blijven rijden, ook aan om extra voor hun zichtbaarheid te zorgen door het dragen van fluo-gele of -oranje vesten met reflecterende banen,” zegt Stijn Vancuyck ook.

“En we doen een oproep naar automobilisten om oplettend en waakzaam te blijven. Er zijn inderdaad minder motor- en scooterrijders op de weg dan in de zomermaanden en dat maakt dat ze door hun beperktere aantallen ook al minder opvallen. En ook in de winter geldt dat het inzetten van de motor of scooter een bijdrage levert aan het oplossen van file- en parkeerproblemen.”

Als je tweewieler op stal blijft staan …

Voor de motoren en scooters die nu in de winterstalling staan, geldt dat die in deze maanden nog altijd onderhoud gepleegd moet worden.

De batterijen hebben ook last van koude. Als er niet met de motor gereden wordt, lopen die langzaam leeg. Een druppellader is dan een oplossing. Op die manier blijft de spanning in de batterij op peil en kan de motor of scooter makkelijk gestart worden als de ergste koude voorbij is.

Daarnaast wordt aangeraden om de wielen bij lang stilstand geregeld te draaien zodat niet een hele winter één deeltje van de band in contact met de vloer staat. En als de motor dan weer rijklaar wordt gemaakt, is het controleren van de bandenspanning geen overbodige luxe….

Het bericht Wel of niet met de motor rijden in de winter? Hier moet je zeker aan denken! verscheen eerst op FLEET.be.

Monitor: wat zijn de ‘mobiliteitsvoorkeuren’ van de Belgen?

Op maandag presenteerde de FOD Mobiliteit en Vervoer het rapport van de Monitor-enquête over mobiliteit, een studie die in 2017 werd uitgevoerd bij meer dan 10.600 Belgen. Hier zijn de vijf belangrijkste lessen die uit deze studie kunnen worden getrokken.

1. Auto op kop: 61% van alle verplaatsingen en 74% van alle afgelegde km’s

De auto blijft het favoriete vervoersmiddel voor de Belgen. 61% van alle verplaatsingen wordt afgelegd met de auto. Het aandeel van de auto wordt nog groter als we kijken naar het aantal afgelegde kilometers. 74% van alle afgelegde kilometers wordt afgelegd met de auto. De auto is dus goed vertegenwoordigd in de Belgische gezinnen: 84% van de huishoudens heeft minstens 1 auto.  

Ook op korte afstanden verkiest de Belg de auto. 17% van de verplaatsingen van minder dan 1 kilometer worden afgelegd met de auto. Bovendien bedraagt 18% van alle verplaatsingen met de auto minder dan 5 km.  

Als we vergelijken met de cijfers van vorige onderzoeken (Mobel 1999 et Beldam 2010) dan merken we dat het aandeel van de auto in het aantal verplaatsingen sinds 1999 daalt van 67% naar 61%. Toch heeft dit geen invloed op de situatie op de weg omdat in absolute cijfers het aantal verplaatsingen enkel toeneemt als gevolg van een groeiende bevolking. 

2. 31% van alle verplaatsingen voor vrijetijdsbestedingen, 19% voor woon-werkverkeer 

In het onderzoek werd aan de respondenten gevraagd om voor iedere verplaatsing ook de reden op te geven.  We merken op dat alle leeftijdscategorieën een groot aantal verplaatsingen maken voor vrijetijdsbesteding: 31% van alle verplaatsingen van de Belgen zijn voor vrijetijdsbestedingen. We verplaatsen ons ook veel voor boodschappen den diensten: 25%. Ter vergelijking: woon-werkverplaatsingen zijn goed voor 19% van alle verplaatsingen.  

Als we het aantal afgelegde kilometers van deze trajecten bekijken. Dan stellen we slechts een klein verschil vast tussen het aantal afgelegde kilometer voor vrije tijd (18 km) en voor woon-werkverkeer (21 km). Boodschappen doen we in de buurt met een gemiddelde afstand van 10 km.  

3. In de stad: meer dan 20% van de verplaatsingen gebeuren met het openbaar vervoer 

De Brusselaars hebben door het stedelijke karakter van het gewest andere gewoontes op vlak van vervoer. Hier gebeurt minder dan de helft van alle verplaatsingen (46%) met de wagen, ten voordele van het openbaar vervoer (21%) en te voet (24%). Deze trend zien we ook in andere grote steden waar meer dan 20% van alle verplaatsingen gebeuren met het openbaar vervoer. 

Als we de verplaatsingen tussen grote steden bekijken, dan zien we ook daar een groot aandeel voor het openbaar vervoer. 56% van de verplaatsingen tussen grote steden gebeurt met de trein en overstijgt dus het autogebruik (43%).  

Dit neemt niet weg dat het merendeel van alle verplaatsingen, namelijk 77%, gebeurt in meer landelijke zones. Voor deze verplaatsingen is de auto het belangrijkste vervoersmiddel. 

4. Mannen leggen meer kilometers af en maken langere verplaatsingen dan vrouwen 

Globaal bekeken zijn mannen mobieler dan vrouwen. Ze leggen meer kilometers af en besteden meer tijd aan hun verplaatsingen. Vrouwen zitten minder dan mannen achter het stuur en rijden vaker mee als passagier. Vrouwen verplaatsen zich vaker te voet of met het openbaar vervoer dan mannen.  

5. Intermodaliteit blijft marginaal   

Slechts 2% van alle verplaatsingen gebeurt met meer dan één vervoersmiddel. Bijna bij al deze verplaatsingen is de trein het belangrijkste vervoersmiddel.  

Het bericht Monitor: wat zijn de ‘mobiliteitsvoorkeuren’ van de Belgen? verscheen eerst op FLEET.be.

Hoeveel VAA betaalt u in 2020?

De nieuwe CO2-referentiewaarden voor de berekening van het Voordeel Alle Aard (VAA) in 2020 zijn bekend. Voor het tweede jaar op rij worden ze verhoogd, wat betekent dat bedrijfswagenbestuurders vanaf 1 januari (iets) minder VAA zullen betalen. Alleen het minimum VAA zal waarschijnlijk worden geïndexeerd. Al is het daarvoor allicht wachten tot begin januari, wanneer het minimumbedrag bekend gemaakt wordt.

Rijdt uw bedrijfsauto op diesel? Da zal de CO2-referentiewaarde stijgen van 88 g/km in 2019 naar 91 g/km in 2020. Voor benzinevoertuigen stijgt deze waarde van 107 g/km in 2019 naar 111 g/km in 2020.

De formules

  • Diesel en plug-in hybride diesel (zie ook ‘bijzondere gevallen’ hieronder):

Catalogusprijs x [5,5 + ((CO2 – 91) x 0,1)] % x 6/7 x leeftijdscoëfficiënt van het voertuig

  • Benzine, full hybrid, plug-in hybride benzine (zie ook ‘bijzondere gevallen’ hieronder), LPG en CNG :

Catalogusprijs x [5,5 + ((CO2-111) x 0,1)] % x 6/7 x leeftijdscoëfficiënt van het voertuig

  • Elektrisch/waterstof:

Catalogusprijs x 4 % x 6/7 x leeftijdscoëfficiënt van het voertuig

Welke catalogusprijs?

De catalogusprijs is prijs van het voertuig dat als nieuw aan een particulier wordt verkocht, inclusief opties en daadwerkelijk betaalde BTW. Er wordt geen rekening gehouden met kortingen, reducties of gratis opties.

Welke CO2-waarde?

Of het nu gaat om de aftrekbaarheid van de auto en de daaraan verbonden kosten, de CO2-bijdrage (ook wel solidariteitsbijdrage genoemd) of de berekening van het Voordeel Alle Aard (VAA), de CO2-waarde die in aanmerking moet worden genomen, is de waarde die is vermeld in artikel 49.1 van het gelijkvormigheidsattest van het voertuig.

LET OP: voor LPG-wagens is de CO2-waarde waarmee rekening moet worden gehouden die van het benzinevoertuig vóór de ombouw naar LPG.

Welke leeftijdscoëfficiënt?

*Elke begonnen maand telt als een volledige maand

Voorbeelden

  • Dieselwagen – Catalogusprijs: 30.000 euro – CO2-uitstoot: 100 gram – Eerste inschrijving: 28 maanden geleden

Jaarlijks VAA: 30.000 x [5,5 + ((100 – 91) x 0,1)] % x 6/7 x 0,88 = 1.448,23 euro

  • Benzinewagen – Catalogusprijs: 28.000 euro – CO2-uitstoot: 120 gram – Eerste inschrijving: 15 maanden geleden

Jaarlijks VAA: 28.000 x [5,5 + ((120 – 111) x 0,1)] % x 6/7 x 0,94 = 1.443,84 euro

  • Elektrische wagen – Catalogusprijs: 45.000 euro – CO2-uitstoot: 0 gram – Eerste inschrijving: 5 maanden geleden

Jaarlijks VAA: 45.000 x 4 % x 6/7 x 1 = 1.542,86 euro

Bijzondere gevallen: de plug-in hybrides

Om de in paragraaf 49.1 van het gelijkvormigheidsattest vermelde CO2-waarde te gebruiken voor de berekening van het VAA, moet een plug-in hybride wagen strikt aan de twee zelfde voorwaarden voldoen die gelden voor de aftrekbaarheid:

  • Niet meer dan 50 g/km CO2 per kilometer uitstoten

EN

  • Een batterij hebben die minstens 0,5 kWh groot is per 100 kilo die het voertuig weegt

Wordt aan die twee voorwaarden voldaan? Dan kan de in punt 49.1 van het gelijkvormigheidsattest vermelde CO2-waarde voor de formule worden gebruikt.

Wordt aan minstens één van de twee voorwaarden niet voldaan? Dan wordt uw plug-in hybride beschouwd als een “valse hybride”. In dat geval moet de CO2-waarde van het “overeenkomstige voertuig” worden genomen. Totdat deze lijst van overeenkomstige voertuigen bekend is, moet je een voorlopig VAA betalen. Geen overeenstemmend voertuig? Dan moet je de CO2-waarde van het gelijkvormigheidsattest vermenigvuldigen met factor 2,5.

UITZONDERING: Plug-in hybride voertuigen die vóór 1 januari 2018 zijn aangeschaft*, worden niet beïnvloed door deze twee voorwaarden. Bij deze wagens wordt sowieso de CO2-waarde in paragraaf 49.1 van het gelijkvormigheidsattest genomen voor de berekening van het VAA.

* Met ‘aangeschaft’ bedoelen we dat de bestelbon of het leasecontract getekend moet zijn voor 1 januari 2018. De datum van inschrijving wordt niet in rekening genomen.

Welke verworpen uitgaven voor de werkgever?

  • De werknemer betaalt zelf de brandstof voor zijn privé verplaatsingen:
    • Verworpen uitgaven: 17%
  • De werkgever komt tussen in de brandstof voor privé verplaatsingen:
    • Verworpen uitgaven: 40%

Het bericht Hoeveel VAA betaalt u in 2020? verscheen eerst op FLEET.be.

Fiscaliteit : moet aftrekbaar bedrag voor woon-werkverkeer verdubbeld worden?

Vandaag kunnen natuurlijke personen voor woon-werkverkeer rekenen op een forfaitaire vergoeding à rato van 0,15 euro/kilometer die fiscaal aftrekbaar is.

Dit bedrag werd niet meer geïndexeerd sinds … 1992! Maar zoals het Prijzenobservatorium van de FOD Economie aangeeft, is de koopkracht en het gebruik van een auto met 10,7% gestegen tussen 2008 en 2017. We kunnen ons alleen maar inbeelden wat de evolutie sinds 1992 is …

Daarom hebben federale parlementsleden van het Vlaams Belang een wetsvoorstel ingediend om dat aftrekbare fiscale bedrag op te trekken tot 0,30 euro/kilometer.

Lees ook :

Hoe kan u de boekhouding van uw vloot vereenvoudigen?

“Sinds 1992 zijn de kosten voor automobilisten aanzienlijk gestegen, of het nu gaat om veranderingen in de autofiscaliteit of verhogingen van accijnzen op brandstof, of om veranderingen in de olieprijs op de internationale markten”, aldus de ondertekenaars van het wetsvoorstel

“Weliswaar zijn deze kosten de afgelopen twaalf jaar minder gestegen dan de algemene inflatie, maar al deze ontwikkelingen staan in schril contrast met het forfaitaire bedrag van 0,15 euro.”

Het bericht Fiscaliteit : moet aftrekbaar bedrag voor woon-werkverkeer verdubbeld worden? verscheen eerst op FLEET.be.

Oneerlijke voorwaarden in kortetermijn verhuurcontracten? Renta reageert

De Bijzondere Adviescommissie voor oneerlijke bedingen van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (hierna “de BRC Oneerlijke bedingen” genoemd) heeft in een recent advies enkele contractvoorwaarden naar voren gebracht die volgens haar zeer oneerlijk zijn. De federatie van autoverhuurbedrijven, Renta, wilde reageren via haar algemeen directeur, Frank Van Gool.

De Belgische vereniging voor onderzoek en expertise van consumentenorganisaties heeft de Commissie inzake oneerlijke bedingen om advies gevraagd over bepaalde voorwaarden in contracten tussen consumenten en autoverhuurbedrijven.

De BRC oneerlijke bedingingen heeft begin oktober een advies uitgebracht, na analyse van steekproeven van de algemene voorwaarden van verschillende kortetermijnverhuurbedrijven in België.

In dit advies worden aanbevelingen gedaan. Klik hier om het hele rapport te lezen.

  • Clausules waarin gesteld wordt dat de consument het voertuig in goede staat van werking heeft ontvangen keren in feite de bewijslast om: het is aan de verhuurder om een voertuig ter beschikking te stellen dat conform een normaal te verwachten gebruik is; van de consument mag niet worden verwacht dat hij aantoont dat dit niet het geval is.
  • Er zijn verschillende opties waartussen de consument kan kiezen, wil hij zich minimaal of maximaal verzekeren tegen de risico’s tijdens het gebruik van het voertuig. De consument kan bijvoorbeeld ook de hoge franchise waaraan hij doorgaans onderworpen wordt afkopen met een aanvullende verzekering.
  • De consument moet beter worden geïnformeerd over deze verschillende opties en de clausules moeten duidelijk zijn. Het autoverhuurbedrijf moet hier telkens de verzekerde risico’s, het maximumbedrag van de schadevergoeding en de franchise duidelijk meedelen.
  • In de algemene voorwaarden moet een duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen het gebruik van de kredietkaart als betaalmiddel en als waarborgmechanisme. Wordt schade aan het voertuig via de kredietkaart verhaald op de consument, dan moet hij hierover op voorhand worden ingelicht en moet hij eventueel kunnen reageren.

Reactie van Renta

Wij hebben Frank Van Gool gecontacteerd, algemeen directeur van Renta. Dit wist hij te vertellen:

De afgelopen jaren is Renta actief betrokken geweest bij het overleg tussen de Europese Commissie en Leaseurope (de Europese Federatie van verhuurders).  

Er was een bezorgdheid van de Commissie over het grote aantal klachten over korte termijn autoverhuur door consumenten in Europa. De oorzaken van deze klachten lagen volgens de Commissie vooral op het vlak van onduidelijke tarief- en contractvoorwaarden (schadeafhandeling, verzekeringsvoorwaarden en brandstofpolitiek).

Frank Van Gool, Algemeen directeur Renta

Vooral op
bepaalde populaire vakantiebestemmingen waren er relatief veel klachten, wat
ook logisch is gezien de hoge verhuurvolumes.

De grote internationale verhuurbedrijven deden eerder dit jaar reeds een aantal aanpassingen aan hun voorwaarden en systemen om alle kosten in de totale boekingsprijs op te nemen, de huurvoorwaarden beter te omschrijven en de prijs en verzekeringsvoorwaarden duidelijker aan te geven.

Tegelijk werd door de Europese Commissie aan de lidstaten gevraagd om in hun lokale markten na te gaan of er wijzigingen nodig waren aan de voorwaarden of modus operandi van verhuurders. Het dient gezegd dat er bij ons weten relatief weinig consumentenklachten zijn over de manier waarop de Belgische verhuurbedrijven hun klanten behandelen (voor alle duidelijkheid: het gaat hier enkel over korte-termijnverhuurders die aan consumenten, privé-personen dus, verhuren).

In die context
deed de Commissie voor Onrechtmatige Bedingen een aantal steekproeven in de
Algemene Voorwaarden van autoverhuurbedrijven actief op de Belgische markt.

Onze raadsman analyseert momenteel het advies om na te gaan of de aangehaalde suggesties terecht zijn.

We hebben a.s. vrijdag ook een overleg met onze leden gepland om te bekijken hoe ze waar nodig aanpassingen aan hun algemene voorwaarden kunnen aanbrengen om deze voor eind dit jaar (op vraag van de Economische Inspectie) in lijn te brengen met de aanbevelingen van de Commissie voor Onrechtmatige Bedingen.

Onze leden zullen hun volledige medewerking verlenen en wij doen als federatie het nodige opdat alle leden, ook degenen die geen onderwerp waren van de steekproef door de Commissie Onrechtmatige Bedingen, de nodige informatie krijgen zodat ze hun voorwaarden indien nodig kunnen aanpassen.

Het bericht Oneerlijke voorwaarden in kortetermijn verhuurcontracten? Renta reageert verscheen eerst op FLEET.be.

Help jij deze doctoraatsstudente uit de nood?

Doctoraatsstudente Eva Van Eenoo voert een onderzoek naar de relatie tussen autogebruik, woonplaats en ideeën over de auto van mensen die (rand)stedelijk wonen.

Om zoveel mogelijk stemmen aan het woord te laten, wil ze ook de lezers van FLEET.be de kans geven om de enquête in te vullen. Het invullen is anoniem en neemt niet meer dan een tiental minuten in beslag. 

Woon jij in (de buurt van) een stad en beschik je over een rijbewijs en een auto? Dan ben jij de ideale respondent voor Eva!

Deelnemen aan de enquête kan via deze link. Twintig deelnemers maken bovendien kans op een cadeaubon bij HEMA, ter waarde van 25 euro.

Het bericht Help jij deze doctoraatsstudente uit de nood? verscheen eerst op FLEET.be.